Verslag Biobedrijfsbezoek Hof Ten Muizenhole
Op woensdag 13 augustus waren we te gast op het biologisch landbouwbedrijf Hof Ten Muizenhole in Lierde. Guy & Damien Depraetere behoren tot de pioniers in de sector in Vlaanderen en zetten sterk in op akkerbouwmatige groenteteelt voor industrie en verse markt.
Omschakelen naar bio bij generatiewissel
Toen zoon Damien in 2010 koos om in de landbouw actief te worden, was het advies van Guy om het anders te gaan aanpakken. Zowel de akkerbouw als de vleesveehouderij waarin het bedrijf actief was, gingen in deze periode immers door zwaar weer. Wel waren er afnemers met een uitgesproken interesse in biologische producten van Belgische herkomst. Verschillende inspirerende bedrijfsbezoeken bij bio-boeren in Nederland en Wallonië vergrootten de interesse en het geloof in de toenmalige innovatieve technieken inzake onkruidbeheersing. En werd besloten de sprong te wagen en op deze marktkans in te zetten.
De omschakeljaren waren financieel best uitdagend erkent Guy: “Het was een periode waarin we moesten onderzoeken welke teelten en afzetmarkten pasten bij onze bedrijfsvoering”. Ajuin, wortelen en spinazie bijvoorbeeld, werden aanvankelijk wel uitgeprobeerd maar zijn vandaag uit het bouwplan verdwenen. Naast aardappelen en pompoenen voor de verse markt, zet het bedrijf in op industriegroenten zoals knolselder, bloemkool, savooi- en rodekool, koolraap en bonen. Graangewassen zoals triticale en baktarwe spelen tot slot ook een belangrijke rol in de vruchtwisseling.
“Als bioboer is het erg belangrijk om je afzet zoveel mogelijk op voorhand te regelen” adviseert Guy. De bakgranen van het bedrijf vinden via een samenwerkingsverband van bio-boeren hun weg naar Colruyt. Aardappelen worden op het bedrijf zelf verpakt en via diverse groothandels verdeeld naar bio-speciaalzaken. Voor industriegroenten maakt een kleine groep van telers jaarlijks afspraken met de fabriek. Toch loopt het soms ook eens mis, zoals bijvoorbeeld de afzet van pompoenen via een retailer dit jaar.
De arbeidsintensieve onkruidbestrijding wordt door Guy als uitdaging nummer één voor de biologische productie genoemd. In bio is het gebruik van herbiciden immers niet toegestaan. Zeker op de hellende percelen in de Vlaamse Ardennen is het goed kunnen bijsturen in de mechanische onkruidbestrijding erg belangrijk. Distels verdwijnen wel uit de percelen, maar amarant, ridderzuring, perzikkruid en akkerwinde vragen om aandacht en kunnen soms voor kopbrekens zorgen.
Bio start vanuit zorg voor de bodem
Het uitgangspunt van Hof Ten Muizenhole is om de bodem bedekt te houden. En dus krijgen groenbedekkers een belangrijke rol. De keuze om niet meer te ploegen bracht het bedrijf recent tot het aanschaffen van een biofrees. Een investering waar momenteel tot 50% VLIF-steun op geldt. Met de keuze voor brede lagedrukbanden wordt ook bodemcompactie zoveel mogelijk als mogelijk vermeden. “Onze doelstelling is om bodemleven te activeren, organisch materiaal boven te krijgen en waterinfiltratie te bevorderen” vertelt Guy. In functie van erosiebestrijding liggen er ook graslanden aan. Na een eerdere negatieve ervaring met veronkruiding, koos het bedrijf om niet langer in te zetten op faunamengsels.
Het bedrijf probeert om zoveel mogelijk vocht in de grond te houden. Ook is er enkel jaren geleden een systeem van diepdrainage gekozen en werd er een lagune aangelegd. “Deze investering maakt beregening voor ons bedrijf op ongeveer 22 hectare mogelijk. Met een boorput zouden we helemaal gerust zijn.” stelt Guy.
Teelten
Aardappelteelt voor de vrije markt onder de loep
Aardappelen spelen een belangrijke rol in het teeltplan van het bedrijf. De rassenkeuze wordt enerzijds bepaald door plaagresistentie en anderzijds ook door smaak en opbrengst. Het merk Hof Ten Muizenhole wil immers lekkere tafelaardappelen garanderen. Daarom worden er vandaag een zevental rassen geteeld. Een combinatie van zowel vastkokende als bloemige aardappelen. Het ras Otolia wordt door Guy genoemd als de nieuwe Agria.
Door de aardappelen te laten voorkiemen, wordt er gemiddeld veertien dagen gewonnen en kan ook de doelstelling om zo vroeg als mogelijk te oogsten worden gehaald. Het vroege rooien is tevens ook een manier om schade door ritnaalden te beperken. Opbrengsten variëren tussen 20, 25 en 30 ton per hectare.
Bemesting van de aardappelpercelen gebeurt op basis van drijfmest van runderen en biologische varkensmest afkomstig van het bedrijf BioVar. In de onkruidbestrijding staan een wiedeg, de rijenfrees & de ecoridger klaar. Inzake plaagbestrijding merkt Guy dat de druk van de coloradokever jaarlijks groter wordt. Het is belangrijk om te voorkomen dat larven verpoppen. Daarom behandelen we ze éénmalig met onder bio-lastenboek toegelaten fyto-producten zoals spinosad of tracer. Over de impact van phytophthora is Guy laconiek: “We reageren niet, en besparen hiermee heel wat tijd.”
Na het rooien wordt de productie bewaard in kisten. Kiemremming is nog niet nodig gebleken, en werd tot op heden dan ook nog niet toegepast. De keuze om zelf te gaan verpakken op het bedrijf vroeg om een bijkomende investering. “Aardappelen zelf verpakken betekent ook snel kunnen schakelen wanneer bestellingen binnenkomen” vertelt Guy. Soms bedraagt de doorlooptijd tussen een bestelling en het ophalen niet meer dan twee dagen.
Wintertarwe: rustgewas met lage kosten en relatief mooie opbrengst
Voor de zaai in oktober wordt er stalmest gevoerd. In bio wordt er dikker gezaaid, op het bedrijf van Guy is dat doorgaans aan 210 kg per hectare. Soms zijn de geschikte zaden niet beschikbaar in bio, en dient er via de certificeerder een ontheffing te worden aangevraagd. Sinds enkele jaren kiest Hof ten Muizenhole om ploegloos te werken. Met opbrengsten van gemiddeld 6 tot 7 ton per hectare, en kosten die bewust beperkt worden gehouden, is het saldo van deze teelt al bij al best goed.
Vraag naar Belgische biologische baktarwe is er wel. De opbrengst gaat doorgaans naar Molens De Dobbeleer en Bio’or. Soms is het eiwitgehalte hoog, maar soms is het ook maar net met de hakken over de sloot. “We hebben gekozen om niet te bewaren omdat dit om extra investeringen en inspanningen rond beheersing van ongedierte zou vragen” stelt Guy.
Bloemkolen & boontjes voor industrie
Bloemkool in de rotatie neemt enorm veel stikstof op. In bloemkool als hoofdteelt kiest Guy om laat te planten (eind juni – begin juli). Planten gebeurt op GPS. De keuze om niet te ploegen leidt tot het aanleggen van een vals zaaibed. De doelstelling is om vocht zolang mogelijk in de grond te houden, en daar komt de voorzetwoeler van pas. Daarmee worden verdichte lagen in de bodem los gemaakt, wat de waterdoorlatendheid verbeterd en voor een betere wortelgroei zorgt. Voor het bestrijden van rupsen wordt de bacterie Bacillus Thuringiensis ingezet, een bio-pesticide die de darmwand van insecten en hun larven aantast.
In de bonenteelt wordt er wel nog geploegd omwille van de bonenvlieg. Door te ploegen worden de poppen van de bonenvlieg dieper in de grond begraven, waardoor ze minder makkelijk naar het oppervlak kunnen komen en uitvliegen. Door niet kerende grondbewerking blijven de poppen net dichter aan de oppervlakte en dat kan problemen met de bonenvlieg net verergeren. Een combinatie van schoffel (3 meter) vooraan en een wiedeg (6meter) achteraan. Perzikkruid is een uitdaging in deze teelt.
Ardo: geloof in de toekomst van bio
Jan Hanssens, hoofdagronoom bij Ardo, sloot de rondleiding af. “Als bedrijf geloven wij in de toekomst van Bio” stelt Jan. Hoe groot de groei in bio zal zijn, is voor Hanssens minder duidelijk.
De opkomst van biologische gewasbeschermingsmiddelen in openluchtteelten kent vandaag nog geen explosie en de efficiëntie van sommige beschikbare middelen laat al eens te wensen over. Dat weerhoudt telers vandaag om de stap naar bio te zetten. Een goede onkruidbeheersingsstrategie en responsiviteit in de zomermaanden is in bio essentieel. “Biologisch boeren betekent ook om nu en dan een mislukking te kunnen aanvaarden” stelt Hanssens.
Voor landbouwers die een engagement willen en kunnen volmaken, is er vandaag ruimte op de markt. Afhankelijk van de bodem, beschikbare mechanisatie, beregening en de investeringsmogelijkheden zijn er verschillende kansen. Erwten en bonen bijvoorbeeld, zijn teelten die in een eerste stadium interessant kunnen zijn voor bedrijven met plannen rond omschakeling.
Voor Ardo staat stabiliteit in de toelevering centraal. Contracten bieden zekerheid over volumes. Spinazie, boontjes, erwten, bloemkool en knolselder zijn de afgelopen jaren stabiele producten gebleken. Volumes zullen ook niet gaan verminderen. “Aan de huidige prijzen en hun potentiële opbrengst wordt de bio-teler vandaag naar waarde verloond” vindt Hanssens. Maar met 30% productiviteitsverlies is de winst ook snel weg, nuanceren de aanwezige telers. En in verhouding tot de vele uren arbeid die in teelt kruipen is deze vergoeding ook echt wel nodig.