Een gezamelijk initiatief van Boerenbond, ABS en BioForum

Bedrijfsreportage: bio-leghennenhouders Willem-Jan Coens en Sylvie Vandevoorde

10/03/2026
Bio, Pluimvee

“Bio leghennen passen bij ons bedrijf én de Belgische markt”

Biologische leghennen als extra tak op een gangbaar melkvee- en akkerbouwbedrijf. ‘Waarom niet?’, dachten Willem-Jan Coens en zijn vrouw Sylvie Vandevoorde. Bijna 10 jaar later hebben ze nog geen spijt van die uitbreiding.

Toen Willem-Jan in 2011 in het gangbare melkvee- en akkerbouwbedrijf van zijn ouders stapte, was er van biologische kippen nog geen sprake. Met 100 melkkoeien, maïs, gras en aardappelen was er werk genoeg. Maar toen de tijd rijp was voor Willem-Jan’s vrouw Sylvie om mee te werken, was er nood aan een uitbreiding van de activiteiten. De familie informeerde zich uitgebreid en kwam uit bij biologische leghennen. “Braadkippen was ook een mogelijkheid geweest, maar de Belgische vraag naar eieren is vaak groter dan het aanbod. Leghennen leek ons dus een toekomstgerichte keuze”, vertelt Willem-Jan. “Bovendien zijn er hier al heel wat braadkippenbedrijven in de buurt en we wilden ons toch wat onderscheiden.”

Waarom bio?

Waarom de keuze voor bio op een gangbaar landbouwbedrijf? “Het is perfect mogelijk om de beide naast elkaar te laten bestaan, zolang je de bio-activiteiten los staan van de gangbare takken. Omdat we hier de ruimte hebben om te voldoen aan de richtlijn van 1,2 ha buitenuitloop per 3000 kippen, was bio voor ons een goede keuze. Bovendien zit je in de biologische leghennen niet gebonden aan een maximaal aantal dieren per stal, wat bij biologische braadkippen wel het geval is.” Willem-Jan en Sylvie kozen voor een stal van 15 000 kippen met een wintertuin (verharde en deels overdekte buitenuitloop) en uitloopweide van 6,5 ha. De overgangsperiode om de weide om te schakelen naar bio duurde slechts een half jaar. De eerste ronde kippen kon er dus meteen in scharrelen.

Opstartproblemen

Toen de stal in 2017 in gebruik werd genomen, ging dat niet meteen van een leien dakje. “Voor hadden ons goed geïnformeerd en bezochten heel wat stallen, maar zelf op je eigen bedrijf starten met amper ervaring is toch niet te onderschatten.” De familie kreeg heel wat ondersteuning van onder andere de voederfirma en de dierenartsenpraktijk, maar moest toch heel wat tegenslagen te boven komen. Zo waren er in het begin gezondheidsproblemen bij de hennen, die na veel onderzoek bleken te komen door historische verontreiniging van de uitloopweide. “Dit was echt een minimale verhoogde aanwezigheid van bepaalde stoffen, maar blijkbaar zijn leghennen hier zeer gevoelig aan. De ondergrond moest dus gesaneerd worden.” Ook werden ze in de derde ronde geconfronteerd met vogelgriep en moesten ze 4 maanden wachten op nieuwe kippen. Financieel uitdagende tijden die een serieuze dosis doorzettingsvermogen vroegen.

Goed bedrijfsmanagement

Biologische leghennen combineren met melkvee en akkerbouw, hoe pak je dat aan? “Toen mijn ouders in 2023 met pensioen gingen, hebben we geïnvesteerd in 2 melkrobots. Dat bespaart ons heel wat tijd. We doen het werk met z’n tweeën en werken beide met de leghennen en de koeien. De kippen vragen vooral veel tijd in de eerste weken na opzet. Dan moet je de condities perfect afstellen zodat ze zo weinig mogelijk grondeieren leggen. Soms gaat dat vlot, soms ben je dagenlang bezig in de stal.” Het eieren sorteren vraagt ongeveer 2 uur tijd per dag. Een ronde duurt zo’n 14 maanden, waarna de stal gedurende een week intensief gekuist wordt. Daarna volgen er 3 weken leegstand waarin er tijd is om onderhoud te doen aan de stalsystemen.

Financiële buffer nodig

De familie werkt met contracten per ronde en is tevreden met de samenwerking met de biologische eierpakstations. “We zijn in België maar net zelfvoorzienend in eieren, zowel bio als gangbaar. Dat geeft een positieve impuls aan de prijs, en dat is nodig. Er moeten periodes zijn waarin je geld verdiend, want wanneer je tegenslag hebt kan je plots heel veel geld verliezen. De vogelgriep waarmee wij werden geconfronteerd werd nooit als zodanig erkend, waardoor er ook geen compensatie uit het fonds werd toegekend. Dan moet je een beetje buffer hebben om dat te overleven.”

Diverse uitdagingen

Nog een belangrijk punt uit het biolastenboek is de beperking op ontworming van de leghennen. “Dit mag maximaal 2 keer per ronde gebeuren, anders worden je eieren lager gewaardeerd. Dat is een uitdaging, maar intussen lukt het.” Ook de uitloopweide die de hennen gebruiken blijkt niet altijd bestand tegen roofdieren van buitenaf. “We hebben al problemen gehad met vossen, marters en roofvogels”, weet Willem-Jan. “Ik weet niet hoe ze het doen, maar af en toe geraken ze toch bij de kippen.” Eigen tarwe inmengen in het voeder gebeurt hier niet, omdat het niet biologisch geteeld is. “De hogere voederkost is iets waar je rekening mee moet houden. Conventioneel is dat 350 euro, maar biologisch betaal je al snel 700 euro per ton.”

Toekomstmogelijkheden

Willem-Jan en Sylvie hebben zeker nog toekomstplannen, maar veel hangt af van de mogelijkheden die het beleid biedt. “We weten niet of we nog een vergunning zullen krijgen voor eventueel een extra leghennenstal. Ook de NER-D voor pluimvee zijn heel schaars geworden. Minder koeien houden en uitbreiden in leghennen is te overwegen, maar we zien wel wat de toekomst brengt.”