Een gezamelijk initiatief van Boerenbond, ABS en BioForum

Bedrijfsportret “OVER VLEES” – Geert Pysson en Christel Dejonckheere

28/07/2026
Vleesvee, Ondernemersverhaal

In Alveringem, op zo’n 12 km van de kust, ligt vleesveebedrijf ‘Over Vlees’ van Geert Pysson en zijn vrouw Christel Dejonckheere. Het is een pittoreske plek waar hoevetoerisme, thuisverkoop en landbouw samenkomen. De biologisch gekweekte, robuuste koeienrassen vallen erg in de smaak. 

Geert Pysson (57) komt uit een familie van rasechte ‘vetmesters’ en veehandelaars. Ook zijn vrouw Christel Dejonckheere (60) heeft haar roots in de Westhoek maar woonde 15 jaar lang in Antwerpen. Beide voelden echter de passie voor landbouw en vonden in Oeren, een klein plaatsje bij het West-Vlaamse Alveringem, een plek om hun droom te realiseren.  

 

Gestart met Belgisch Witblauw 

“We gingen in 2009 van start met onder meer de typisch Belgische Witblauw koeien”, vertelt Christel. “Ik volgde een startersopleiding en werd boerin. Mijn man was al van jongs af aan actief als veehandelaar en samen bouwden we de boerderij uit.” Oorspronkelijk was dit een gangbaar bedrijf, maar dat veranderde in 2017. “Vanuit het slachthuis was er veel vraag naar biologisch rundsvlees”, weet Geert. “Door mijn werk als veehandelaar ving ik die signalen snel op. Ik zag ook dat er heel weinig aanbod was van biologisch rundvlees in deze streek.” Het biologische vleesveebedrijf kreeg de naam HAIKOE. 

 

Omschakeling naar bio 

Een eerste stap om het bedrijf over te schakelen van gangbaar naar bio was de rassenkeuze aan te passen. “Belgisch Witblauw kan immers niet op een natuurlijke manier afkalven en dat is een must binnen het biolastenboek”, weet Christel. “Daarom kozen we voor een mix van verschillende oudere dubbeldoelrassen, zoals Hereford, Limousin, Hérens, … En dan is er nog ons stokpaardje, het West-Vlaams Rood dubbeldoel-ras”. 

 

Gras is de basis 

Ook op vlak van voeder vraagt het bio-label om een ander management. “Onze dieren zijn hoofdzakelijk grasgevoerd. Van maart tot november -afhankelijk van de weersomstandigheden- staan ze in de weide en komen ze niet naar binnen”, vertelt Christel. “De polderweides rond het bedrijf hebben van nature zogenaamd ‘vet gras’, dat wil zeggen dat het van nature heel nutriëntenrijk is. Kunstmest gebruiken mag niet, maar bemesting met de bedrijfseigen stalmest gebeurt wel.” Voor de koeien naar buiten gaan worden de weides gemaaid en wordt het gras naar de boerderij gebracht.  De familie mag ook gebruik maken van enkele maaiweides die eigendom zijn van het Agentschap Natuur en Bos. Deze worden verschillende keren gemaaid en zo hebben de koeien tijdens de winter voldoende ruwvoer ter beschikking.  

 

Hooglanders in natuurgebied 

Een uitzondering op dit managementsysteem zijn de Schotse Hooglanders. Deze koeien met de typische grote horens zijn eigendom van Geert en Christel maar komen nooit op de boerderij. “De kudde van een 30-tal koeien graast in 180 ha grote natuurgebied de Westhoek, dat beheerd wordt door Natuur en Bos. Wie de kans krijgt om met Geert mee te rijden krijgt een ervaring om nooit te vergeten. Een ritje naar de Hooglanders is een unieke safari door de duinen. Dankzij de samenwerking tussen Geert en Natuur en Bos hebben de dieren de kans om in een natuurlijke omgeving te grazen én voorkomen ze dat het duinenlandschap dichtgroeit met struiken.  

 

Verkoop in hoevewinkel 

De vermarkting van het vlees gebeurt voor een deel op de hoeve zelf, in de hoevewinkel die in 2020 het levenslicht zag. Christel verkoopt hier gemiddeld een halve koe per week. “De dieren gaan naar het slachthuis en een versnijder, waarna de versneden stukken vlees komen vacuüm verpakt terug naar hier komen”, vertelt ze. “Maar ook supermarkten, restaurants en andere partners associëren zich graag met de speciale rassen van Christel en Geert.” Om altijd voldoende aanbod in de hoevewinkel te hebben verkoopt Christel af en toe ook vlees, boter, aardappelen, yoghurt, kaas en eieren van collega-landbouwers uit de regio. “Al dan niet van biologische afkomst, maar het voldoet altijd aan onze hoge kwaliteits- en duurzaamheidseisen.” 

 

Prijs bepalen 

Wie naar de hoevewinkel afzakt, doet dat echt vanuit de overtuiging dat het aanbod de moeite waard is. De winkel ligt immers relatief afgelegen. “Mensen vinden het zeker belangrijk dat ons vlees biologisch is. Ze zijn ook erg geïnteresseerd in het verhaal achter de dieren. Maar dat wil niet zeggen dat ik hoge prijzen kan vragen. Wie bij de boer koopt, verwacht vaak ook dat een product goedkoper is dan in de supermarkt. De hogere kostprijs van biologisch produceren reken ik niet helemaal door, want dan ben ik bang dat klanten zouden afhaken.” 

 

Hoevetoerisme en veehandel 

Christel en Geert combineren hun bedrijf met verschillende activiteiten. Naast de hoevewinkel ontvangt Christel ook gasten in de twee vakantieverblijven die naast de boerderij liggen. Geert zorgt niet alleen voor de koeien, maar is ook actief als veehandelaar. Een van de weinige handelaars die biologisch gecertificeerd is trouwens. “Daardoor kom ik op biologische veebedrijven over heel België.” Goede bio-gecertificeerde slachthuizen vinden is geen probleem, maar voor een versnijder ligt dat moeilijker. Daarom ligt het vlees van hun dieren niet onder het bio-label in de hoevewinkel van Christel en Geert. “Veel biobedrijven botsen op dat probleem wanneer ze vlees voor hun eigen winkel willen laten versnijden”, weet Christel. “In de supermarkt kan het wel gewoon onder het bio-label, omdat zij met eigen of grootschalige bioversnijders kunnen werken. Dat is voor kleine hoevewinkels niet mogelijk.” 

 

Overweeg je opties 

Hoewel Christel en Geert helemaal achter hun keuze voor bio staan, geven ze ook graag enkele aandachtspunten mee aan wie een carrière in de sector overweegt. “Biologisch werken in samenwerking met de natuur is prachtig, maar informeer je goed over de regelgeving. Laat je runderen grazen op natuurgebied, dan krijg je op sommige percelen geen premies, terwijl er wel veel werk bij komt kijken. Veel natuurgebieden behoren immers niet tot premiegerechtigde landbouwgronden. Ook de kosten van voer, transport en verzorging zijn hoger, maar zijn niet makkelijk door te rekenen aan de klant op de hoeve.” Maar de fierheid voor de stiel is onbetaalbaar.